Wonen, Mobiliteit, Energie (WME)

Doel en positie van deze paragraaf

Het programma Wonen, Mobiliteit en Energie (WME) bundelt de grote en onderling afhankelijke woningbouw-, mobiliteits- en energieopgaven van gemeente Hoeksche Waard. Deze paragraaf geeft de gemeenteraad op hoofdlijnen inzicht in de doelen, prioriteiten, voortgang, financiële kaders en belangrijkste risico’s van het programma in 2027. Het jaar 2027 staat in het teken van verdere implementatie en inrichting van het vastgestelde programmaplan WME.

De kern van WME is dat woningbouw niet als een op zichzelf staande opgave wordt uitgevoerd. Bereikbaarheid, verkeersveiligheid, voldoende netcapaciteit, maatschappelijke voorzieningen, ruimtelijke kwaliteit en draagvlak zijn randvoorwaarden voor uitvoerbare gebiedsontwikkelingen. De gemeente stuurt deze samenhang programmatisch en projectmatig, met toepassing van Integraal Projectmanagement (IPM), toepassing van Plan Do Check Act (PDCA) en beheersing op de GROTICK-aspecten: Geld, Risico’s, Organisatie, Tijd, Informatie, Communicatie en Kwaliteit/scope.

Toekomstvisie 2050

In lijn met de toekomstvisie 2050 ligt er een grote opgave op het gebied van wonen, mobiliteit en energievoorziening. Deze WME-opgave wordt voortvarend ter hand genomen. Dit resulteert in een toename van woningbouw, een uitbreiding van ons mobiliteitsareaal en een toekomst vaste invulling van ons energienet. Ook zal hierdoor onze gemeente in omvang groeien qua inwonersaantallen (100k + gemeente). Dit heeft consequenties voor zowel sociaal maatschappelijke als voorzieningen in de buitenruimte. In de voorliggende begroting is hier vooralsnog geen rekening gehouden met deze significante groei, maar wel rekening gehouden met de voorbereiding om te komen tot dit inzicht.

Bovenstaande toevoeging heeft gevolgen voor onze gemeente. Om meer inzicht te krijgen in de gevolgen hiervan, is opdracht aan een externe partij verstrekt voor een impactanalyse voor het project Stougjeswijk (pilot). De uitkomsten van dit onderzoek met betrekking tot project Stougjeswijk worden in het vierde kwartaal 2026 verwacht en gecommuniceerd aan de gemeenteraad. De nieuwe projectplannen en de daarbij behorende investeringsplannen en de daaraan gekoppelde maatschappelijke impact worden bij de volgende begrotingen en P&C momenten in de paragraaf WME in beeld gebracht. 

Beleidsmatige context

Het Programmaplan WME vormt het kader voor de integrale sturing, beheersing en verantwoording van de gebiedsontwikkelingen en de daarbij noodzakelijke mobiliteits- en energieprojecten. Het programma sluit aan op de Omgevingsvisie, de Toekomstvisie Hoeksche Waard en de Visie SamenLeven.

Het coalitieakkoord 2026-2030, ‘Werken aan een sterke toekomst!’, bevestigt en verscherpt deze koers. Het college wil woningbouw versnellen door parallel te plannen, integraal te werken en projecten te prioriteren. Daarbij gelden het principe ‘eerst bewegen en dan bouwen’, de aanpak van netcongestie en het behoud van het dorpse karakter, de leefbaarheid en de landschappelijke kwaliteit als belangrijke randvoorwaarden.

  • Gerichte en geleidelijke groei in alle dorpen, primair gericht op de eigen woonbehoefte.
  • Extra aandacht voor ouderen, starters, doorstroming en bijzondere woonvormen.
  • Koppeling van woningbouw aan tijdige mobiliteitsmaatregelen en bereikbaarheid.
  • Prioriteit voor een stabiel en toekomstbestendig energiesysteem.
  • Versterking van uitvoeringskracht, strategisch vermogen en integrale advisering.

Programmadoelen 2027

In 2027 richt het programma WME zich op de volgende resultaten:

Ambitie

Doel

Indicator

Normering/streefgetal

Resultaat

Wat gaan we ervoor doen?

Wonen en groei De Hoeksche Waard groeit evenwichtig en toekomstbestendig, met voldoende passende woningen voor huidige en toekomstige inwoners.

Versnellen van de woning-bouwopgave en bestuurlijk sturen op programmering, fasering en realisatie.

  • Aantal gerealiseerde woningen per jaar 
  • Aantal woningen in harde en zachte plan-capaciteit
  • Aandeel betaalbare woningen
  • Voortgang per gebiedsont-wikkeling.
  • Minimaal 500 woningen per jaar
  • Jaarlijkse actualisatie woningbouw-programmering
  • Per gebieds-ontwikkeling bestuurlijk besluit over fasering en prioriteit.

Een bestuurlijk uitlegbare woning-bouwpro-grammering met inzicht in tempo, knelpunten, keuzes en effecten op de leef-omgeving.

  • Vaststellen en actualiseren van de woningbouw-programmerin
  • Prioriteren van kansrijke projecten
  • Bestuurlijk besluiten over versnelling, fasering en randvoor-waarden.

Bereikbaarheid en mobiliteit Nieuwe ontwikkelingen zijn bereikbaar, verkeersveilig en verbonden met het regionale en lokale netwerk.

Borgen dat mobiliteits-maatregelen en verkeerskundige randvoor-waarden primair passen ten behoeve van de ruimtelijke groei.

  • Aantal gebieds-ontwikkelingen met mobiliteits-analyse
  • Voortgang mobiliteits-maatregelen
  • Verkeersveilig-heid knelpunten
  • Bestuurlijke besluitvorming over ontsluiting.
  • Voor elke WME gebiedsontwikke-ling een vast-gesteld mobiliteits-paragraaf
  • Jaarlijkse rapportage over bereikbaarheid en verkeers-veiligheid
  • Tijdige besluitvorming over benodigde maatregelen.

Bestuurlijk inzicht in de mobiliteits-effecten van groei en in de maat-regelen die nodig zijn om bereikbaar-heid en verkeers-veiligheid te borgen.

  • Opstellen mobiliteits-paragrafen
  • Afstemmen met regionale partners
  • Opnemen van bereikbaarheids-maatregelen in gebieds-plannen en investerings-afwegingen.

Energie, duurzaamheid en klimaat-adaptatie Gebiedsontwikkelingen dragen bij aan een duurzame, klimaatbestendige en toekomst vaste leefomgeving

Bestuurlijk sturen op tijdige beschikbaarheid van energie-infrastructuur, duurzame inrichting en klimaat adaptieve maatregelen.

  • Aantal projecten met energie- en duurzaam-heids-paragraaf
  • Voortgang netcapaciteit en energie-oplossingen
  • Aandeel klimaat adaptieve maatregelen
  • Risico’s voor planning door energieknel-punten.
  • Voor elke WME gebieds-ontwikkeling een bestuurlijk vastgesteld duurzaamheids- en energiebeeld
  • Jaarlijkse actualisatie van energie-knelpunten
  • Klimaat-adaptatie opgenomen in gebiedsplannen.

Integraal bestuurlijk beeld van duurzaam-heidskeuzes, energie-belemmeringen en klimaat-risico’s bij ruimtelijke ontwikkeling.

  • Vroegtijdig betrekken van netbeheerders en partners
  • Opnemen van energie en klimaatadaptatie in besluitvorming
  • Monitoren van risico’s en mitigerende maatregelen.

Voorzieningen en leefkwaliteit Groei gaat samen met behoud en versterking van voorzieningen, sociale samenhang en ruimtelijke kwaliteit.

Borgen dat gebieds-ontwikkelingen bijdragen aan vitale kernen en een leef-omgeving die aansluit bij de maatschappe-lijke behoefte.

  • Beschikbaar-heid voor-zieningen per ontwikkelge-bied
  • Signalen over leefbaarheid
  • Ruimtelijke kwaliteits-kaders
  • Mate waarin voorzieningen zijn meege-nomen in gebieds-plannen.
  • Per WME gebiedsontwikke-ling een voorzieningen- en leefbaarheids-analyse
  • Jaarlijkse bestuurlijke duiding van effecten op leefkwaliteit
  • Kwaliteitskaders opgenomen in besluitvorming.

Bestuurlijk inzicht in de maatschap-pelijke effecten van groei en de keuzes die nodig zijn voor vitale en aantrekkelijke kernen.

  • Uitvoeren voorziening-enanalyses
  • Verbinden met sociaal-maatschappelijke opgaven
  • Borgen van ruimtelijke kwaliteit in gebieds-gerichte plannen en bestuurlijke afwegingen.

Bestuurlijke sturing en beheersing De uitvoering van gebieds-ontwikkeling is transparant, voorspelbaar en bestuurlijk beheersbaar.

Versterken van grip op planning, risico’s, middelen, besluitvorming en samenhang tussen projecten.

  • Aantal projecten met actuele GROTICK-rapportage
  • Aantal projecten met bestuurlijke escalatie-punten
  • Actualiteit risicodossiers
  • Voortgang besluit-vormings-kalender.
  • Halfjaarlijkse bestuurlijke voortgangs-rapportage
  • Toepassing van IPM, GROTICK en PDCA op majeure gebieds-ontwikkelingen; bestuurlijke besluitvorming op basis van actuele risico- en financiële informatie

College en raad beschikken tijdig over beslisinformatie om te prioriteren, bij te sturen en verantwoor-ding af te leggen.

  • Inrichten programma-team conform de IPM- werkwijze en sturingscyclus
  • Periodiek rapporteren over planning, risico’s, financiën en capaciteit
  • Voorbereiden van bestuurlijke keuzes over prioritering, fasering en middelen.

Scope en prioritaire projecten

De programmascope wordt jaarlijks herijkt. Uitgangspunt voor 2027 is de door de directie vastgestelde initiële scope uit het Programmaplan WME, aangevuld met projecten die vanwege hun omvang, complexiteit of rand voorwaardelijke betekenis bestuurlijke prioriteit hebben. De definitieve selectie is bij de Kadernota 2027 aangeboden en wordt bij de begroting 2027 vastgesteld.

Het programmaplan WME maakt het mogelijk dat de komende jaren 5.376 woningen worden toegevoegd aan ons areaal. Dit heeft voor de toekomst ook gevolgen voor de reguliere taken van de gemeente. In Programma 8 is de impact hiervan benoemd.

De projectplannen voor Stougjeswijk en Tijdelijke huisvesting zijn via de planning & control cyclus vastgesteld waarbij budget ter beschikking is gesteld. Er zijn 14 projecten die onder de criteria van het programmaplan WME vallen. De resterende 12 projecten worden via de najaarsnota 2026 of de voorjaarsnota 2027 voor besluitvorming voorgelegd en in de begroting verwerkt. Zodra een projectplan is vastgesteld, vallen de bijbehorende budgetten en investeringen onder het programma WME. Zodra deze (deels) overgedragen kan worden naar de lijnorganisatie, zal dat via de P&C cyclus, dus inclusief de benodigde beheersbudgetten, plaatsvinden.

Cluster/opgave

Projecten in de initiele scope

WME-relatie

Focus 2027

Oud-Beijerland

Stougjeswijk-Oost; Oosterse Gorzen

Wonen, N217, OV, netcapaciteit, voorzieningen

Fasering en besluitvorming; koppeling met N217; bewaken voorwaarden motie Stougjeswijk; voorbereiding bouwstromen.

Numansdorp

Molenpolder; Torensteepolder; Bomenbuurt

Wonen, westelijke ontsluiting, OV/P+R, energie

Planologische voortgang; integrale ontsluiting; afspraken provincie en partners; project- en grondexploitatiekaders.

Tijdelijke huisvesting

Tijdelijke huisvesting

Wonen, locaties, voorzieningen, energieaansluitingen

Realisatie en ingebruikname conform besluiten; beheerste fasering; draagvlak, exploitatie en beheersing risico’s.

Overige woningbouw/gebiedsontwikkeling boven 100 woningen

o.a. ’s-Gravendeel-West, Tienvoet, Land van Essche III

Wonen, lokale infrastructuur, ruimtelijke kwaliteit

Prioriteren op bijdrage aan woningbouwdoelen en uitvoerbaarheid; actuele projectopdrachten en besluiten.

Mobiliteit

N217, ontsluitingen, ringwegconcept, parallelweg N217, P+R en relevante fiets-/OV-maatregelen

Randvoorwaardelijk voor woningbouw en bereikbaarheid

Bestuurlijke en financiële afspraken; integrale planning; conditionering vóór woningbouwmijlpalen.

Energiesysteem

150 kV-station (1), 50 kV-stations (3), transformatoropgave en lokale systeemoplossingen (200+)

Netcapaciteit voor woningbouw, bedrijven en voorzieningen

Afspraken met TenneT/Stedin; locatie- en procedureplanning; maatregelen tegen vertraging door netcongestie.

Besturing, organisatie en verantwoording

De gemeenteraad stelt de inhoudelijke en financiële kaders vast. Het college is verantwoordelijk voor de uitvoering. De bestuurlijk opdrachtgever en de ambtelijk opdrachtgever/programmadirecteur WME sturen op de samenhang tussen de projecten en op tijdige escalatie van knelpunten. De aangewezen projecten worden onder regie en uitvoering bestuurd door de projectorganisatie PRO en na de status van gereed melding of in productie name overgedragen aan de lijnorganisatie.

  • Maandelijks: projectrapportages en projectbeheersingsoverleg
  • Kwartaal: integrale managementrapportage aan directie en bestuurlijk opdrachtgever.
  • Halfjaarlijks: bestuurlijk voortgangsbericht aan de gemeenteraad (presentatie).
  • Bij de reguliere P&C documenten: actualisatie van doelen, financiële prognose, risico’s en weerstandsvermogen.

In alle rapportages wordt op uniforme wijze gerapporteerd over GROTICK, afwijkingen ten opzichte van de vastgestelde baseline, de prognose einde project en de voorgestelde beheersmaatregelen.

Financieel kader

De financiële huishouding van WME wordt afzonderlijk herkenbaar gemaakt in de gemeentelijke begroting. De uitgaven en inkomsten worden op programma-, cluster- en projectniveau geregistreerd. Projectbudgetten worden uitsluitend beschikbaar gesteld op basis van een vastgesteld projectplan, een actuele raming en een expliciet besluit over dekking.

De belangrijkste dekkingsbronnen zijn:

  • reguliere personeels- en programmabudgetten en, voor zover besloten, overheaddekking voor de IPM-staf;
  • plankostenverhaal en bijdragen uit anterieure overeenkomsten;
  • opbrengsten uit actief grondbeleid en bijdragen van ontwikkelaars;
  • beschikbaar gestelde VAT-kosten bij investeringen in infrastructuur, openbare ruimte en maatschappelijke voorzieningen;
  • rijks-, provinciale en regionale subsidies, waaronder woningbouw- en bereikbaarheidsregelingen;
  • de Realisatiestimulans Woningbouw en overige door de raad toegewezen middelen.

Bij de vaststelling van programmaplan WME (en de financiele besluitvorming bij de jaarrekening 2025) is besloten om de geldstromen via een reserve Volkshuisvesting/WME te harmoniseren. Deze reserve kan verschillen in tijd tussen voorbereidingskosten en latere inkomsten opvangen. Dit betreft een dekkingsreserve waarbij de onttrekkingen uit deze reserve als structureel worden aangemerkt conform het gemeenschappelijk toezichtskader (GTK) 2026 omdat deze reserve als een tijdelijke beleidsimpuls wordt beschouwd. Onttrekkingen en stortingen vinden plaats op basis van expliciete besluitvorming en binnen de gemeentelijke begrotings- en verslaggevingsregels.

Kosten programmaplan WME (Staf)

Financieel overzicht 2027

Begroot

Dekking

Toelichting

Programmaorganisatie WME

1.600

600. Projecten

1.000 Reserve WME

Programmamanager, contractmanager, risico-manager, omgevingsmanager, planningsadviseur, subsidieadviseur, projectsecretaris, kwaliteitsmanager, communicatieadviseur, manager projectbeheersing, waarvan een percentage wordt doorbelast aan de projecten. 

Begroot verloop van de reserve WME

Reserve WME1

Dotatie

Onttrekking

Project

Toelichting

Stand 1-1-2026

-

Mutaties 2026

2.548

Realisatiestimulans

Over 2025

213

Dekking WME staf (2026)

Miv 2027 structureel opgenomen in begroting.

1.600

Stougjeswijk (2026)

Betreft saldo van dekking plan- en VAtkosten en ontvangst subsidie knelpuntenpot

Stand 31-12-2026

735

Mutaties 2027

2.387

Realisatiestimulans

Over 2026

2.713

Stougjeswijk (2027)

Betreft saldo van ontvangst bijdrage plankosten minus plankosten 2027.

1.434

Dekking nieuwe kostentoerekening incl staf WME (miv 2027)

Dekking toerekening uren naar taakveld 8.1

Stand 31-12-2027

4.401

  1. In dit overzicht is vooruitgelopen op de mutaties die volgen in de Najaarsnota 2026.

Voor het project Tijdelijke huisvesting is voor de periode 2026-2029 totaal € 3.6 miljoen (jaarlijks € 0,9 miljoen) beschikbaar gesteld via de Reserve Tijdelijke beleidsimpulsen. Het is de verwachting dat wij in 2026 € 0,4 miljoen gebruiken en dus een restant van € 0,5 miljoen doorschuift naar 2027.

Voor de overname van N217 is een bruiddschat ontvangen van € 9 miljoen. Deze storten wij in een bestemmingsreserve om deze na 2032 te kunnen inzetten voor de grootschalige investeringen.

Alle investeringsprojecten die verbonden zijn aan de projecten van WME worden door de projectorganisatie beheerd en het budget voor deze investeringen gemandateerd aan de programmadirecteur WME. Na oplevering en/of in gebruik name zal de activa worden overgedragen aan de lijnorganisatie. Uiteraard nemen de betreffende vak teams deel in de projectorganisatie zodat kennis, ervaringen en de vastgestelde kaders geborgd worden. Vanuit de projectorganisatie wordt het betreffende actief naar de lijn overgedragen met een onderhouds- en beheerbudget in de P&C cyclus. 

De volgende investeringen zijn inmiddels onderhanden bij programma WME;

Project

ActiefDotatie

Krediet (excl dekking)

Status

Geplande overdracht

Stougjeswijk

N217

PM

Onderhanden

Overdracht per 22 september 2026

Stougjeswijk

Groot onderhoud N217

9,0 mln.

Voorzien in 2032

2033/2034

Stougjeswijk

Verbreding Tienvoet

3,7 mln

Gepland

2033/2034

Stougjeswijk

Verbreding viaduct

14,7 mln

Gepland

2033/2034

Stougjeswijk

Maatschappelijk vastgoed ( 3 voorbereidingskredieten: school, gymzaal en multifunctionele accommodatie)

PM

Voorbereidingsfase

PM

Stougjeswijk

Overname areaal (4 investeringen)

20,8 mln.

AOK

2028/2029

Stougjeswijk

Bosschenweg kruising

6,8 mln.

Onderhanden

2033/2034

Tijdelijke huisvesting

Locatieonderzoek

PM

Voorbereiding

PM

Het programmaplan WME en de bijbehorende paragraaf zijn nieuw in de begroting 2027. Dit brengt een administratieve wijziging met zich mee ten aanzien van het mandaat en de bijbehorende budgethouderschap. In het vervolg zullen de gedetaileerde investeringsopgaven toegevoegd worden aan de bijlage  met investeringen.

Belangrijkste risico’s en beheersmaatregelen

Risico

Mogelijk effect

Beheersing in 2027

Vertraging van ruimtelijke procedures, bezwaar en beroep

Uitstel bouwtitels, hogere voorbereidingskosten en gemiste opbrengsten/subsidies.

Actuele integrale planning, vroegtijdig omgevingsmanagement, juridische kwaliteitscontrole en scenario’s voor parallel plannen.

Mobiliteitsmaatregelen niet tijdig gereed

Woningbouw moet worden vertraagd of stilgelegd; bereikbaarheid en draagvlak verslechteren.

Kritieke afhankelijkheden in masterplanning; afspraken met provincie/Rijk; bestuurlijke escalatie en toepassing ‘eerst bewegen en dan bouwen’.

Netcongestie en vertraging netuitbreiding

Woningen, bedrijven of voorzieningen kunnen niet tijdig worden aangesloten.

Gezamenlijke planning met TenneT/Stedin, locatie- en vergunningenregie, onderzoek naar energiehubs en tijdelijke/lokale oplossingen.

Onhaalbare businesscases en kostenstijgingen

Aanvullende gemeentelijke middelen nodig of projecten worden uitgesteld.

Periodieke actualisatie businesscases, verplichtingen- en prognoseadministratie, scopebeheersing en besluitvorming bij afwijkingen.

Onvoldoende capaciteit en expertise

Vertraging, kwaliteitsverlies en grotere afhankelijkheid van externe inhuur.

Meerjarige capaciteitsplanning, dedicated teams, gerichte werving en prioritering van projecten.

Subsidies of kostenverhaal worden niet volledig gerealiseerd

Hogere netto gemeentelijke lasten.

Subsidiescan, tijdige verantwoording, volledige urenregistratie en contractuele borging van kostenverhaal.

De uitgewerkte risico’s in de paragraaf Risico en Weerstandsvermogen hebben betrekking op:

  • Wonen Markt kan niet tijdig woningen opleveren, volledige afhankelijkheid van de markt. Beheersmaatregel: meer beschikbaarheid van eigen grondposities. 
  • Mobiliteit Eerst bewegen, dan bouwen. Mobiliteitsagenda moet integraal worden bekeken en aansluiten op het versneld kunnen bouwen van woningen. 
  • Energie Eerst bewegen, dan bouwen. Dat betekent dat er stroom moet zijn om te kunnen aansluiten. 

Informatie aan de raad

De raad ontvangt informatie via de P&C momenten op een niveau dat sturing mogelijk maakt zonder de uitvoeringsverantwoordelijkheid van het college over te nemen. Per majeur (WME) project worden minimaal de volgende gegevens opgenomen:

  • doel, scope en bijdrage aan de coalitie- en programmadoelen;
  • vastgestelde besluiten en beschikbare kredieten en budgetten;
  • voortgang op planning en eerstvolgende bestuurlijke mijlpalen. 

Afwijkingen die buiten het mandaat, krediet of vastgestelde beleidskader vallen, worden afzonderlijk aan de raad voorgelegd. Daarmee ontstaat een navolgbare lijn tussen projectbesluiten, de P&C-cyclus en de bestuurlijke voortgangsrapportage.

Aan de hand van het volgende overzicht wordt de stand van zaken van de projecten die vallen binnen het programma WME o.b.v. GROTICK gepresenteerd: 

Samenvatting

Met WME kiest de gemeente voor één samenhangende aanpak van woningbouw, bereikbaarheid en energie. In 2027 ligt de nadruk op versnellen waar dat verantwoord kan, het vooraf organiseren van de randvoorwaarden en het versterken van grip op planning, financiën en risico’s. De uniforme IPM- en GROTICK-werkwijze ondersteunt de raad, het college en de ambtelijke organisatie bij tijdige besluitvorming en transparante verantwoording.